Suikerbieten

Geschreven op 04 april 2018.

Onkruidbestrijding
Een topopbrengst is niet te halen als er veel onkruid staat. Onkruiden en bieten concurreren immers om licht, water en nutriënten. Logisch is dat veel onkruid ten koste gaat van de opbrengst. De sleutel voor een geslaagde onkruidbestrijding is de juiste combinatie spuiten op klein onkruid onder zo goed mogelijke spuitomstandigheden.

Na het zaaien van de bieten zal er gelijk worden gestart met het bestrijden van de onkruiden. Als u voor de grondbewerking nog niet heeft gespoten en er nog onkruiden zichtbaar zijn Dan kunt u direct na het zaaien het beste een bespuiting met glyfosaat uitvoeren. Wanneer na zaai het onkruid eerder boven staat dan de bieten, kan dit middel opnieuw worden ingezet. Doe dit uiterlijk twee dagen voor opkomst van de eerste bieten. De hals van de kiemplantjes moet ruim, meer dan 1 centimeter, onder het oppervlak zitten. Controleer vooraf het hele perceel om schade te voorkomen. Bij scheurvorming in de toplaag wordt deze bespuiting afgeraden.

Spuitomstandigheden bodemherbicide
Een bodemherbicide werkt alleen bij voldoende vocht. Direct na zaai is de grond vaak nog wat vochtig. Heeft u een bespuiting gepland, voer de bespuiting direct na zaai uit. Vanwege de verminderde effectiviteit wordt een bespuiting afgeraden bij een hoog percentage organische stof (circa 5% of meer).

Na-opkomst bespuiting
Begin op tijd met uw LDS bespuitingen. BOGT of Betanal MaxxPro + Goltix. Als er kamille voorkomt, kunt u het beste direct 10-15 gram Safari toevoegen. Bij moeilijk te bestrijden meldesoorten gaat onze voorkeur uit naar combinaties met Betanal MaxxPro. Als u grote problemen verwacht m.b.t. aardappelopslag, dan is het bij de bestrijding van aardappelopslag met een onkruidstrijker met glyfosaat beter om te wachten tot er voldoende verschil in de gewaslengte zit. De aardappelplanten moeten aanmerkelijk groter zijn, zodat de bietenplanten niet worden geraakt. Indien u de aardappelen wilt bestrijden met o.a. Safari + Dual Gold, mogen de aardappelplanten niet al te groot zijn. 

Spuitomstandigheden na-opkomst bespuiting
Het verschil tussen een geslaagde en een mislukte onkruidbestrijding wordt ook bepaald door de te kiezen spuitmomenten. Onkruiden harden af bij droog en schraal weer (lage luchtvochtigheid, veel straling). Door de dikke waslaag wordt er minder actieve stof opgenomen. Ook bij hoge temperaturen (boven 22 graden) valt de effectiviteit van de bespuiting vaak tegen en zijn de bieten juist gevoeliger. Pas op bij grote temperatuurverschillen, meer dan 16 graden, tussen dag en nacht. De bieten zijn dan gevoeliger voor de bespuitingen. Dit geldt nog veel sterker wanneer in de dagen voorafgaand aan de volgende bespuiting nachtvorst optreedt. Het advies is om bij (verwachte) nachtvorst niet te spuiten. Vaak heeft 's avonds spuiten de voorkeur. Over het algemeen neemt dan de temperatuur en de wind af en wordt de straling minder. Verder stijgt de luchtvochtigheid in avond en nacht. Hierdoor ontstaan er betere condities voor opname van de herbiciden en zal het bestrijdingsresultaat beter zijn.

Houdt rekening met de verschillende etiketten van de producten.
Let voornamelijk op: het maximale aantal toepassingen, de dosering per toepassing en de maximale dosering per teelt.

Voor specifieke vragen kunt u altijd contact opnemen met uw adviseur.