Groenbemesters

Bladrammenas
• beste aaltjesresistentie: variërend van BCA1 tot multiresistent
   (Meloidogyne chitwoodi en Meloidogyne fallax in combinatie met BCA1)
• geschikt voor voor- en najaarsinzaai
• heeft dikke penwortel
• goede onkruidonderdrukker

Gele mosterd
• veel rassen zijn aaltjesresistent
• geschikt voor late najaarsinzaai
• snelle beginontwikkeling
• vorstgevoelig, makkelijk onder te werken
• goede onkruidonderdrukker

Grasachtigen
• leveren veel organische stof
• goede (wortel)onkruidbestrijding
• evt. snede in voorjaar mogelijk
• Italiaans of Westerwolds voor late zaai wegens vlotte ontwikkeling
• niet geschikt als aaltjesbestrijder

Klik hier om een veilige groenbemester te kiezen

De vraag naar crucifere groenbemesters in Nederland is in vijf jaar tijd verdubbeld. Van het jaarlijks ingezaaide areaal komt momenteel tweederde voor rekening van bladrammenas en een derde van gele mosterd.

Groenbemesting in zeer intensief bouwplan
Het mag duidelijk zijn dat bodemgezondheid in intensieve bouwplannen met bijvoorbeeld pootaardappelen, wortelen en bloembollen een serieuze zaak is. Recent viel in de media nog te lezen dat het schadelijke wortelknobbelaaltje Meloidogyne chitwoodi inmiddels in alle akkerbouwgebieden voorkomt en allang geen incident meer is. Resistentie is het meest effectieve wapen in de strijd tegen aaltjes en geniet in de veredeling van groenbemestingsgewassen dan ook alle prioriteit. En met resultaat, want op de Aanbevelende Rassenlijst prijkt inmiddels de eerste en vooralsnog enige bladrammenas die een BCA1 resistentie tegen bietencysteaaltjes combineert met resistentie tegen de wortelknobbelaaltjes Meloidogyne chitwoodi en Meloidogyne fallax. Bij de raasen die BCA 2 zijn er meerder beschikbaar. We hebben het dan over de term multiresistentie. Dergelijke hoogkwalitatieve, meervoudig resistente groenbemesters hebben de toekomst.

Gele mosterd bij late zaai
Wie na half september zaait, maar toch aangewezen is op een groenbemester met resistentie tegen het bietencysteaaltje, doet er goed aan voor gele mosterd te gaan. Een gewas dat probleemloos tot 1 oktober nog uitgezaaid kan worden, omdat het wortelstelsel zich snel ontwikkelt. Een jaar later is nog zo’n 850 kg/ha aan effectieve organische stof in de bodem terug te vinden.

Aangewezen grasgroenbemester
Grasgroenbemesters hebben het voordeel van een zeer vlotte beginonwikkeling en nog intensievere doorworteling van de bouwvoor, waardoor er veel stikstof en organische stof wordt vastgelegd. Ook laat gras de bestrijding van (wortel)onkruiden beter toe. Specifieke groenbemesters zijn Italiaans, Engels en Westerwolds raaigras.Verder is er het voordeel van een eventuele maaisnede in het voorjaar.

Hou organische stof op peil
Als teler moet u duurzaam bodembeheer nastreven, maar tegelijk mag u niet te veel stikstof en fosfaat aanvoeren. Een groenbemester vormt hierbij een belangrijke aanvulling op het organische stofgehalte dat wortel- en stoppelresten al achterlaten. Dit gehalte wordt bepaald op basis van de hoeveelheid organische stof die na een jaar nog terug te vinden is in de bodem, oftewel Effectieve Organische Stof (e.o.s.). Bovenop stikstof, structuur en bodemgezondheid vormt een groenbemester dus ook een rijke bron aan organische stof.

Bladrammenas 850 kg/ha*
Gele mosterd 850 kg/ha*
Phacelia 850 kg/ha*
Italiaans raaigras 1.080 kg/ha* (1.225 kg onder dekvrucht)
*) in de stoppel, uitgaande van een geslaagde groenbemester
Bron: BLGG AgroXpertus